Malapascua is een eiland dat vooral bekend staat om het duiken met thresher Sharks, ook wel voshaaien genoemd. Dit is tevens de enige plek ter wereld waar dit mogelijk is. Dit was voor ons de reden dat wij het eiland bezochten, maar niet alleen duikers komen er aan hun trekken. Duiken met thresher sharks op Malapasqua is absoluut een hoogtepunt, maar er val nog meer veel te beleven op dit kleine eiland. Het is een ontzettend fijne plek, waar je nog écht dat eilandengevoel hebt.

Van zodra je voet aan land zet merk je het meteen. Straten en grote wegen zijn er niet. Auto’s rijden er niet. Her en der zie je wel wat scooters, maar het merendeel doet alles te voet. Het eiland is niet bijzonder groot, dus op enkele dagen kan je het helemaal ontdekken. Het eiland heeft geen perfect, witte stranden, alsook geen prachtige zee om in te zwemmen. Toch is het eiland absoluut een bezoekje waard. Wijzelf verbleven er drie nachten en hadden het -ondanks dat er meer regen dan zon was- ontzettend naar onze zin. Dit was de ideale plek om onze batterijen even helemaal op te laden en geloof mij, hier hadden we echt nood aan.

Wat te doen in Malapascua?

Duiken met Thresher Sharks in Malapasqua

Voor de duikers onder ons, is het uiteraard de moeite om met thresher Sharks te gaan zwemmen. Indien je geen Advanced hebt, kan je deze duik ook maken, maar je betaald er wel iets meer voor. Wij deden het Project AWARE shark conservation en dit was ontzettend interessant. Ik wist wel dat heel wat haaien vermoord werden voor hun vlees en tanden, maar ik wist niet dat het probleem zo ontzettend groot was. Heel wat haaien zijn met uitsterven bedreigd en dat is vreselijk, het zijn namelijk zo een nuttige en prachtige creaties. Zij leveren een belangrijke bijdrage voor het eco systeem.

Voor de duik sta je vroeg op, héél vroeg. Om kwart na vier moesten wij in de duikschool zijn en een klein uurtje later zaten we op de boot. Het was ontzettend wild op zee, dus binnen de kortste keren was ik vreselijk misselijk. Het is gelukkig een hele grote boot, de grootste waarmee ik tot nu toe gaan duiken ben. Ongeveer een half uurtje later kwamen we aan en doken we dertig meter diep om de haaien te spotten. De thresher Sharks zitten normaal gezien op ongeveer driehonderd meter diepte, maar in de vroege ochtend komen ze naar boven om zich te laten schoonmaken door kleine visjes. Een Shark-Wash in plaats van een Car-Wash dus. Zeg nog maar eens dat haaien geen mooie dieren zijn, wat een ijdeltuiten!

We zagen meteen een vijf-meter lange haai op enkele meters van ons, wauw! Toen we iets verderop gingen zitten, zwom er ook een tweede haai constant heen en weer. We hebben dus twee haaien gezien, maar het ging allemaal zo ontzettend snel dat ik er geen goede beelden van heb kunnen maken. We waren ook ontzettend hard aan het rillen. Niet van angst, wel van de koude. Het was zo ontzettend koud beneden! De duik duurde naar mijn gevoel niet lang genoeg. Het ging allemaal ontzettend snel, dus ik was ietwat teleurgesteld. Uiteraard zijn we wél ontzettend blij dat we deze prachtige dieren hebben kunnen zien! Boven op de boot konden we ons gelukkig lekker opwarmen met een kop warme chocomelk. De duikschool waar wij deze duik mee deden heet Sun & Fun.

Wandelen op het eiland

Het eiland leent zich er perfect toe om een mooie wandeling te maken. Er is een weg doorheen heel het eiland en er zijn geen auto’s. Ideaal dus voor een mooie tocht. Je leert de bevolking kennen en hun manier van leven. Er is hier ontzettend veel armoede, dat werd meteen duidelijk toen wij het dorp inliepen. Toch zien de mensen er hier zo gelukkig uit. Mensen op Malapascua zijn dol op karaoke! Van ’s morgens tot ’s avonds zitten ze hier te zingen, wat soms wel vervelend kan zijn wanneer je wil slapen, maar dat terzijde. Het is een heel fijn eiland om even rond te wandelen.

Luieren op het strand

Malapascua heeft geen parelwitte, tropische stranden. Maar uiteraard zijn er wel stranden en ook hier kan je prima luieren, indien het niet regent zoals bij ons! De twee belangrijkste en leukste stranden zijn Bounty Beach, ook wel de main Beach genoemd en Langob Beach, welke volledig in het Noorden ligt. Het is ongeveer 30 à 45 minuten wandelen, maar je kan eventueel ook achterop een scooter springen ter betaling. Zelf een scooter huren kan natuurlijk ook, maar wij vinden het eiland net iets te klein om dat te doen. Een beetje beweging kan geen kwaad!

Waar te eten?

Ging Ging restaurant (gelegen in het centrum) is écht het ideale restaurant. Het eten is er lekker, je krijgt grote porties, het is er gezellig om te zitten, proper en bovendien spotgoedkoop. Reken ongeveer één à twee euro voor een maaltijd. Wij aten hier ’s morgends, ’s middags en ’s avonds. Er zit meestal behoorlijk wat volk, het is dus zeker een populair restaurantje met een goede reputatie. Wij kwamen hier met plezier eten.

Waar te slapen?

Toen wij de eerste dag aankwamen, logeerden wij in een zeer goedkope kamer. We hadden enkel een squattoilet en geen lavabo. Het was ’s avonds en in de vroege ochtend véél te luid, wat betreft gepraat van de eigenaars en muziek. Een dag later waren wij dan ook ontzettend blij dat we konden vertrekken en zo vonden we ook een zéér aangename plek, waar we nog twee nachten verbleven. Wij verbleven in Hitley’s, een zeer mooie plek die gerund wordt door een Duitser. De kamers zijn ruim, modern en netjes. Er is warm water en het is er aangenaam vertoeven. Wij hebben hier dan ook heerlijk geslapen. Voor een tweepersoonskamer betaalden wij 800 peso, wat dus neerkomt op 12,50 euro.

Meer over backpacken in de Filipijnen

 

Nog meer inspiratie opdoen voor je reis door de Filipijnen